Kaas

Willem Elsschot
Willem Elsschot

Het lezen van deze roman bezorgde me een aangename zondagmiddag, waarbij ik meer dan eens hardop heb gegrinnikt. De cynische toon vloeit over elke bladzijde.

KAAS dateert van 1933 en begint met een opdracht in de vorm van een gedicht aan Jan Greshoff. Jan had Willem Elsschot – pseudoniem voor Alfons Jozef de Ridder – in moeilijke tijden aangespoord om terug te gaan schrijven.

Elsschot begint dit boek met een inleiding waarin hij zijn mening toelicht over stijl en kunst.
“…stijl is alleen bevattelijk voor die een ziel hebben.”
Wat niet nodig is dient geweerd en waar het met één personage kan is een menigte overbodig.
Hierbij benadrukt Elsschot nogmaals dat hij tot de nieuwe zakelijkheid behoort, een stijl die een terugkeer naar een klare en objectieve weergave van feiten uit de menselijke samenleving betrachtte.

Na deze inleiding krijgen we een lijst met personages en elementen die belangrijk zijn. Dan pas neemt het eigenlijke verhaal zijn start. Het begint als een brief:”Eindelijk schrijf ik je weer omdat….”

Frans Laarmans werkt als klerk op een kantoor van de General Marine. Hij komt dronken thuis; de deurbel redt hem van een ruzie met zijn vrouw Fine. Zijn zwager komt hem roepen omdat zijn moeder op sterven ligt.
Op de begrafenis ontmoet hij een zekere van Schoonbeke, een vriend van zijn broer. Van Schoonbeke is welstellend en heeft enkel prominente vrienden. Elke week organiseert hij een borrelavond bij hem thuis. Laarmans wordt uitgenodigd ook een keer langs te komen en hij gaat op de invitatie in. De eerste bijeenkomsten zijn penibel voor Laarmans omdat hij als klerk duidelijk in een ander milieu vertoeft.
Van Schoonbeke zorgt ervoor dat hij vertegenwoordiger wordt van volvette Edammerkaas in België en het Groothertogdom voor een Nederlandse kaasfirma. Laarmans voelt oorspronkelijk weinig voor dit voorstel temeer ook omdat hij kaas zo minderwaardig vindt. Uiteindelijk aanvaardt hij deze aanbieding alleen omdat het hem meer aanzien zal brengen bij zijn omgeving en vooral bij de notabelen die zich rond Van Schoonbeke scharen.
Laarmans vertrekt naar Amsterdam waar hij een contract moet tekenen bij Hornstra: 5% commissie en 300 gulden per maand. Bij zijn thuiskomst is Laarmans nerveus en nijdig omdat zijn vrouw Fine onmiddellijk een fout ontdekt in het contract. Hornstra kan hem namelijk ten allen tijden aan de deur smijten.
Laarmans is niettegenstaande enthousiast en wil onmiddellijk zijn ontslag melden als klerk. Fine vindt dit geen goed idee: eerst de kaashandel aan het draaien en dan ontslag geven. Zijn broer die dokter is bezorgt hem een ziekte certificaat voor 3 maanden afwezigheid.

WILLEM ELSSCHOT
1882-1960

20 ton kaas arriveren in Antwerpen. Laarmans is niet klaar om deze kaas te ontvangen. Hij bekommerde zich tot hiertoe enkel om een bureau in orde te maken. Hij is bezorgd om het behang, het briefpapier, een bureau-ministre en een typmachine.

Maar vooral zoekt hij koortsachtig naar een geslaagde firmanaam: Gafpa. Dit getuigt onmiddellijk dat Laarmans geen echte zakenman is die van aanpakken weet en kan verkopen.
Hij stelt verkopers aan in verschillende regio’s van het land maar de bestellingen laten op zich wachten. Enkele kaasbollen kan hij slijten bij kennissen en vrienden en dit tegen aankoopprijs.

Van Schoonbeke zorgt ervoor dat hij plaatsvervangend voorzitter wordt bij de unie van Kaashandelaren. Dit zint Laarmans absoluut niet en hij eist zijn ontslag. Eerst gaat hij toch mee met een delegatie om de belangen van de kaasboeren te verdedigen. Zijn aanwezigheid wordt ongewild een succes; desondanks wil hij de positie van voorzitter niet.
Omdat hij geen enkele positieve reactie van zijn vertegenwoordigers ontvangt gaat hij te rade bij Boormans. Deze geeft hem verkoopinstructies. Laarmans gaat zelf de baan op maar hij durft nog niet eens een kaaswinkel binnen te gaan om zijn Edammers te slijten. Na enkele Pale-Ales waagt hij zijn kans. De eigenaar is een vroegere vertegenwoordiger van de firma Hornstra en Laarmans keert moedeloos naar huis terug. Uitgebloed.
Als pekel op de open wonde verneemt hij dat zijn zoon Jan er wel is in geslaagd om een kist kaasbollen te verkopen.

Laarmans krijgt bezoek van de zoon van notaris Van der Zijpen. Deze wil een deal sluiten: zijn vader zal geld in de zaak pompen. Hij wil niet werken maar een gedeelte van het salaris opstrijken.

Laarmans zegt er over te willen nadenken: ’s Avonds echter schrijft hij een brief aan Hornstra dat hij de samenwerking stopzet wegens gezondheidsredenen. Hij meldt dat de overgebleven kaas ligt opgeslagen in een patentkelder. Het geld van de verkochte kaasbollen zou hij per postwissel betalen.

Drie dagen later krijgt hij een bestelbon van de vertegenwoordiger in Brugge voor 4200 kilo kaas. Laarmans stuurt deze bestelbon door naar Hornstra zonder er verder iets mee te doen.

Laarmans gaat weer aan het werk als klerk bij de General Marine en het oude leventje herbegint.

Kaas is een bijzonder vlot geschreven boek dat ik in één adem heb uitgelezen. De titel – KAAS – is kort en karig, zoals de hele stijl van Elsschot. Mooier met minder.
Het decor is ook sober en het hele verhaal speelt zich af in een summiere vermelding van locaties als Antwerpen, Brussel en Amsterdam.
Het verhaal is heel constructief opgebouwd en begint reeds met een weergave van de personages en de elementen. De novelle bestaat uit 24 hoofdstukjes die elkaar chronologisch opvolgen (als in een brief – zoals het verhaal zelf ook als brief begint) en die verteld worden vanuit het ik-perspectief Laarmans.
Laarmans heeft een wens, een droom maar kan die niet tot werkelijkheid brengen. Er zit een boodschap in dit verhaal van Elsschot. Een waarschuwing om realistisch met beide voeten op de grond te blijven staan, niet te hoog te grijpen, zijn milieu en afkomst niet te verloochenen en vooral eerlijk te blijven met jezelf. Een ideaal proberen waar te maken voor de buitenwereld en je omgeving mislukt als de gedrevenheid niet uit je binnenste zelf komt. Het laat enkel een ware tragedie achter.
Het werk van Elsschot leest aangenaam en is een mooi voorbeeld van de nieuwe zakelijkheid. Een aanrader voor wie zich wil verdiepen in deze stijl. Doch achter die zakelijkheid schuilt toch een Elsschot met gevoel: “Ik ga op haar toe en sluit haar in mijn armen. En als mijn eerste tranen op haar verweerd gezicht vallen, zie ik dat ze mij tegenweent.”

©SABRINA MAES